Vanavond heb ik geborreld met vriendin R. Borrelen, bijkletsen, contact hebben, praten is momenteel veel ingewikkelder dan een jaar geleden.
Ik heb dik twintig jaar hard gewerkt om iedereen om mij heen het idee te geven dat ik heel erg open en expressief ben. Twintig jaar heb ik gestoken in mensen doen geloven dat ik heel erg mezelf ben. Iemand die weet wat ze wil, maar vooral iemand die weet wie ze is. Dat was de enige manier om mezelf staande te houden. Een vleesgeworden gyroscoop. Een gyroscoop is een tol. Eenmaal in beweging blijft het draaien. Met genoeg snelheid kan een gyroscoop zich verzetten tegen de stand van de draaias. Zo heb ik jaren geleefd. Ik draaide zo hard dat ik ongevoelig leek te zijn geworden voor de waarheid. Een web van leugens gaf me vleugels en die vleugels stonden me zo goed dat ik ze langzaam ben gaan geloven. Ik wilde ze geloven. Beter, ik moest ze geloven. Pseudologica phantastica full speed ahead. Het was de enige manier om te overleven. Mijn leven overleven.
De tol is gestopt te draaien. Ik wist al heel erg lang dat dat zou gebeuren, maar ik wilde er niet aan. En toen raakte ik alles kwijt. Alles, waaronder mijn zorgvuldig opgebouwde imago. Het is net zo ontnuchterend als een te klein truitje passen in een pashok met tl-licht. Het is lelijk. En iedereen kan nu zien hoe lelijk het is. Hoe lelijk ik ben. Hoe zwak ik ben. Iedereen weet het. Iedereen weet dat ik een wandelende open wond ben. Inmiddels is mijn omgeving op de hoogte. Ik word niet beoordeeld, niet veroordeeld. Er wordt maar één ding van mij verwacht en dat is dat ik eerlijk ben. Er wordt gevraagd hoe het met me gaat, waar ik aan denk. Er wordt gepeuterd in de diepste krochten van mijn brein. Dit maakt dat elk gesprek voelt als een marathon met een rugzak van dertig kilo. Koetjes en kalfjes lijken niet meer te bestaan. Wat verlang ik naar koetjes en kalfjes. Naar het aanhoren van andermans problemen.
Mijn aloude strategie van ‘talking equals communicating’ werkt niet meer. Er wordt meer van mij verwacht. Ik moet eerlijk zijn. Ik ben gek op praten, ik praat ook erg veel, maar ‘talking isn’t necessarily communicating’, zo ver ben ik inmiddels wel. Ik moet mezelf opnieuw uitvinden.
Ik ben breekbaar, kwetsbaar, onzeker. Vooral omdat ik niet weet wat ik moeten laten zien. Ik weet niet wie ik ben.
Terwijl ik dit typ denk ik aan een nummer van Stef Bos.
Is dit nu later?
Is dit nu later als je groot bent
Een diploma vol met leugens
waarop staat dat je volwassen bent
Is dit nu later?
Is dit nu later als je groot bent
Ik snap geen donder van het leven
Ik weet nog steeds niet wie ik ben
is dit nu later?
Beter ga ik zelf eens peuteren in de krochten van mijn brein in plaats van dat ik het andere mensen laat doen. Dit is een begin. Iets met woorden en letters. Ik ga proberen mijn voordeel er mee te doen.
Is dit nu later – Stef Bos